Sluit het

Waar bent u naar op zoek vandaag?

Typ een willekeurig woord en druk op Enter

Wat is een Hybrid Closed-Loop Systeem? Een gedetailleerde gids

Hybrid closed-loop

Qu’est-ce qu’un système hybride en boucle fermée ? Un guide complet

De diabetestechnologie ontwikkelt zich snel. [1] Een van die technologieën is het Hybrid Closed-Loop Systeem. [1, 2, 3]

Bij correct gebruik kan een Hybrid Closed-Loop Systeem de bloedglucose beter beheren, het risico op hypoglycemie verminderen en een betere kwaliteit van leven bieden aan mensen met diabetes type 1. [1, 4] Maar wat is een Hybrid Closed-Loop Systeem?

Onze gids beantwoordt deze vraag. Of u nu onlangs de diagnose diabetes hebt gekregen of meer wilt weten over dit nieuwe type insulinebeheer, u bent hier aan het goede adres.

In deze handleiding bekijken we hybride gesloten-lussystemen die momenteel beschikbaar zijn en veelbelovende volledig gesloten-lussystemen die nu worden ontwikkeld. [2]

Hieronder vindt u meer informatie over deze innovatieve diabetestechnologie.

Wat is een Hybrid Closed-Loop Systeem?

Een Hybrid Closed-Loop Systeem is een manier om diabetes te beheren. [1]

Hybride gesloten-lussystemen maken gebruik van innovatieve, kunstmatige technologie om de manier waarop de menselijke alvleesklier op natuurlijke wijze de bloedglucose reguleert na te bootsen - waarbij de insulinetoevoer automatisch wordt aangepast om de bloedsuikerspiegels onder controle te kunnen houden. [5]

Wat is de alvleesklier? 

Om te begrijpen hoe hybride gesloten-lussystemen werken, is het handig om iets meer over de alvleesklier te weten te komen.
 

De alvleesklier is een orgaan in de bovenbuik dat een cruciale rol speelt bij de spijsvertering en glucoseregulatie in het bloed. [6] Het scheidt hormonen af als insuline en glucagon, die de bloedsuikerspiegels stabiliseren en voorkomen dat ze te hoog of te laag worden. [6]

Wanneer uw bloedsuiker na het eten stijgt, geven de bètacellen in de alvleesklier insuline af, waardoor het lichaam glucose kan gebruiken en opslaan, wat op zijn beurt de bloedspiegels doet dalen. [6] Wanneer uw bloedsuikerspiegel daalt als u aan lichaamsbeweging doet of een tijdje niet hebt gegeten, geeft de alvleesklier glucagon af. Glucagon zorgt ervoor dat het lichaam opgeslagen glucose vrijgeeft om de bloedspiegels te verhogen en de functie van het lichaam te bevorderen. [6]

Wanneer u diabetes type 1 hebt, kan uw lichaam niet genoeg van het hormoon insuline aanmaken. [4] U moet insuline injecteren om uw glucosespiegel te stabiliseren en ervoor te zorgen dat uw cellen de glucose-energie krijgen die ze nodig hebben om te functioneren en in leven te blijven. Als u type 1 hebt, moet u uw insulinedosis aanpassen om uw glucose binnen het doelbereik te houden en diabetescomplicaties te voorkomen, waaronder oog- en nierschade, hartziekte, beroerte en amputaties. [4]

Een Hybrid Closed-Loop Systeem is gericht op het verbeteren van de bloedsuikercontrole door de werking van de alvleesklier na te bootsen, met enige input van de gebruiker. [1, 4] Hierdoor kunnen de tijd en inspanning die nodig zijn om uw diabetes te beheren worden teruggebracht. [1]

Hybrid Closed-Loop technologie 

Hybrid Closed-Loop zijn de meest geavanceerde insulinetoedieningssystemen die momenteel beschikbaar zijn. [4]

Hybrid Closed-Loop technologie maakt gebruik van een geavanceerd computerprogramma om glucosemetingen van een continue glucosemonitor (CGM) af te lezen, de benodigde insuline te berekenen en die insuline via een pomp toe te dienen. [4] 

Het systeem is ontworpen om de basale (achtergrond) snelheid van de insulinetoediening te meten en automatisch aan te passen als uw bloedglucose te laag of te hoog wordt. [1] Het worden “hybride” systemen of technieken genoemd omdat u als gebruiker nog steeds de koolhydraten in uw voedsel moet tellen en bolussen (snelwerkende dosissen) moet programmeren bij maaltijden. [1]

Hybrid Closed-Loop systemen bestaan uit drie onderdelen: een insulinepomp, een continue glucosemonitor en een algoritme [1]:

  • Een continue subcutane insuline-infusiepomp (CSII) is een digitaal apparaat dat dag en nacht een constante stroom insuline onder de huid levert. 
  • Een continue glucosemonitor (CGM) is een apparaat dat onder uw huid wordt geïmplanteerd en dat uw bloedsuikerspiegel 24 uur per dag om de paar minuten automatisch controleert. Het maakt gebruik van een draadloze zender om testresultaten naar een apparaat te sturen.
  • Het regelalgoritme is intelligente technologie, hetzij ingebed in de pomp, hetzij op een regeleenheid zoals een smartphone. Het communiceert met de CGM en de pomp, zodat ze kunnen samenwerken om uw diabetes te beheren. [1, 4, 5] 

Het algoritme reageert in real-time op uw glucosemetingen en berekent de dosis insuline die u nodig hebt. [1] Het communiceert dan met de pomp, waardoor de insulinetoedieningssnelheid wordt gewijzigd om uw bloedglucosewaarden stabiel te houden. [1] Het systeem houdt uw diabetes de hele dag onder controle, ook als u slaapt en uw niveaus niet kunt controleren. De cyclus wordt elke 5-12 minuten met regelmatige tussenpozen herhaald, afhankelijk van het systeem. [1]

Hoewel u met een Hybrid Closed-Loop Systeem niet zo vaak uw vinger hoeft te prikken, moet u uw diabetes nog steeds zelf beheren. Dit omvat het vooraf toedienen van bolussen voor koolhydraatbevattende maaltijden en snacks, het instellen van bolustimingen, het programmeren van de juiste alarminstellingen (deze systemen hebben alle alarmfuncties in verband met CGM) en het beheren van de behandeling voor hypoglycemie of hyperglycemie. [1]

De voor- en nadelen van Hybrid Closed-Loop technologie

Hybrid Closed-Loop technologie is nog relatief nieuw — insuline werd een eeuw geleden ontdekt [1, 3, 4] — en misschien wilt u meer weten over de voor- en nadelen van het gebruik van Hybrid Closed-Loop technologie voordat u overweegt om deze te gebruiken.

Voordelen van hybride gesloten-lussystemen

Uit onderzoek blijkt dat hybride gesloten-lussystemen aanvaardbare veiligheids- en werkzaamheidsprofielen hebben - het verbeteren van glucosebeheer, het verminderen van het risico op hypoglycemie (ook gekend als “hypo's”), en het verbeteren van de kwaliteit van leven voor mensen met diabetes type 1. [1] 

De voordelen zijn:

  • Beter glucosebeheer: hybride gesloten-lussystemen verlengen uw tijd binnen het glucosedoelbereik, waardoor toestanden van hypoglycemie of hyperglycemie worden verkort. [5] Beter glucosebeheer is gekoppeld aan een lager risico op ontwikkeling van complicaties van diabetes op lange termijn. [4] 
  • Lager risico op gevaarlijke hypoglycemie: bij zowel kinderen als volwassenen met diabetes type 1. [1]
  • Minder werk en stress: het beheren van diabetes kost tijd, werk en concentratie, wat een belasting kan zijn voor gebruikers en verzorgers. Een Hybrid Closed-Loop Systeem maakt diabetes minder veeleisend en biedt gebruikers wat vrije tijd. [1]
  • Flexibel voor uw levensstijl: een Hybrid Closed-Loop Systeem kan de kwaliteit van leven verbeteren, door u te helpen bij het sporten en flexibeler leven zonder dat u zich over hoge of lage glucosewaarden zorgen hoeft te maken. [1]
  • Meer welzijn: het gebruik van een Hybrid Closed-Loop Systeem kan zorgen voor een gerustgesteld gemoed, minder angst en een betere nachtrust. U kunt meer vertrouwen krijgen in het beheer van uw diabetes [1].

Nadelen van Hybrib Closed-Loop Systemen

Hieronder staan enkele nadelen van Hybrid Closed-Loop technologie:

  • Het is van groot belang om met het systeem te oefenen om het correct te kunnen gebruiken: essentiële aspecten van oefeningen en uitleg zijn onder meer instellingswijzigingen, een nauwkeurige koolhydraattelling, bolustiming, gebruik van alarmen, omgaan met lichaamsbeweging, alcohol en beheer van hypo's en hypers [1] Oefeningen zijn ook nodig om automode-afsluitingen, verbindingsproblemen en software-updates te minimaliseren, evenals uitleg over het interpreteren van gegevens. [4] 
  • U moet de canule regelmatig vervangen: om het risico op verminderde insulineabsorptie te minimaliseren en lipohypertrofie (abnormale groei van vet onder het oppervlak van de huid) te voorkomen. Lipohypertrofie kan van invloed zijn op de insulineopname en het bloedglucosebeheer verstoren. [1] 
  • Momenteel niet zo toegankelijk als andere methoden: de systemen zijn onder bepaalde omstandigheden beschikbaar (zie volgende rubriek). Hybrid Closed-Loop technologie kan ook duurder zijn dan een eenvoudige pomp of meerdere dagelijkse injecties. [4]
  • Realistische verwachtingen: het is essentieel om in te zien dat een Hybrid Closed-Loop Systeem, ondanks de geavanceerde technologie, toch minder doeltreffend is dan een natuurlijk orgaan. U moet het systeem beheren, uw bloedsuikerspiegel controleren, koolhydraten tellen en bolussen toevoegen. [4] 

Als u zich bewust bent van de belangrijkste voor- en nadelen van een Hybrid Closed-Loop Systeem, kunt u beslissen of u deze relatief nieuwe technologie wilt proberen. [3, 4] U kunt ook met uw huisarts of een zorgverlener praten om te zien wat hij/zij u aanraadt.

Wat is de toekomst van Closed-Loop technologie?

Het is een spannende tijd in de behandeling van diabetes en de toegang tot Closed-Loop technologie kan voor veel mensen met diabetes levensveranderend zijn. [1, 3, 4, 5]

Met een stabiele synthetische vorm van glucagonanaloog (een soort geneesmiddel dat wordt gebruikt bij de behandeling en het beheer van diabetes) kunnen er pompen gemaakt worden die insuline en glucagon infuseren, waardoor u extra beschermd bent tegen hypoglycemie. [1]

Bovendien kunnen nieuwe, sneller werkende insulines zorgen voor betere hybrid Closed-Loop systemen, waardoor snel wordt gereageerd op glucosetoenames tijdens het eten, zonder dat de gebruiker een bolus hoeft toe te voegen. [1]

Er is meer onderzoek en ontwikkeling op dit gebied nodig voordat we een volledig gesloten-lussysteem kunnen realiseren. [1] Een volledig gesloten-lussysteem zou ervoor zorgen dat u geen bolusdosissen hoeft toe te voegen bij het eten van een maaltijd of snack met koolhydraten. [1]

Zijn Hybrid Closed-Loop systemen verkrijgbaar in België?

Per jan 2021: Het Hybrid Closed-Loop Systeem is momenteel alleen beschikbaar voor patiënten onder de “overeenkomst inzake geavanceerde of dure technologie bij de diabetespatiënt”[7]. Alleen die diabetescentra op deze lijst komen in aanmerking voor deze studie:

Kenmerken van deze patiënten: 

  • Intensief behandeld met MDI of insulinepomp, 
  • Slagen er niet in om stabiele bloedsuikerspiegels te handhaven (of beheren, maar ten koste van de kwaliteit van leven)
  • Zijn gemotiveerd om de behandeling nauwgezet te volgen met een door hun endocrinoloog-diabetoloog voorgeschreven technologie. 
  • Stemmen ermee in om bepaalde gegevens van hun diagnostiek en behandeling te delen voor een wetenschappelijke evaluatie van de technologie.

Les références

  1. Hartnell, S., Fuchs, J., Boughton, C.K. and Hovorka, R. (2021). Closed-loop technology: a practical guide. Pract Diab, 38: 33-39. https://doi.org/10.1002/pdi.2350 https://wchh.onlinelibrary.wiley.com/doi/full/10.1002/pdi.2350
  2. Messer LH. Why Expectations Will Determine the Future of Artificial Pancreas. Diabetes Technol Ther. 2018 Jun; 20(S2): S265-S268. DOI: 10.1089/dia.2018.0116. PMID: 29916739
  3. NHS to pilot artificial pancreas tech for people with type 1 diabetes, JDRF. Last accessed 04/01/2022: https://jdrf.org.uk/news/nhs-to-pilot-artificial-pancreas-tech-for-people-with-type-1-diabetes/
  4. Leelarathna, L., Choudhary, P., Wilmot, E., Lumb, A., Street, T., Kar, P., & Ng, Sze. (2020). Hybrid Closed‐loop therapy: Where are we in 2021?. Diabetes, Obesity and Metabolism. 23. 10.1111/dom.14273. https://www.researchgate.net/publication/347301993_Hybrid_Closed-loop_therapy_Where_are_we_in_2021
  5. Bekiari E., Kitsios K., Thabit H., Tauschmann M., Athanasiadou E., Karagiannis T. et al. Artificial pancreas treatment for outpatients with type 1 diabetes: systematic review and meta-analysis BMJ 2018; 361: k1310 doi:10.1136/bmj.k1310 https://core.ac.uk/download/pdf/157857946.pdf
  6. Röder, P., Wu, B., Liu, Y., Han, W. (2016) Pancreatic regulation of glucose homeostasis. Experimental & Molecular Medicine, 48, e219. DOI:10.1038/emm.2016.6.
  7. INAMI - Diabète : intervention dans les coûts de l’utilisation de technologies avancées ou onéreuses dans un centre spécialisé.
Show me:
All

Insuline: wat is dat en hoe werkt het?

Insuline: qu’est-ce que c’est et comment fonctionne-t-elle?

Insuline: wat is dat en hoe werkt het?

Insuline is een hormoon dat van nature door de alvleesklier wordt geproduceerd [1,2,3]. De naam komt van het Latijnse woord insula, wat “eiland” betekent [2,3,4], omdat het wordt geproduceerd door groepjes cellen die eilandjes van Langerhans [1,2,3] worden genoemd.

Insuline wordt voornamelijk gebruikt om de glycemie van het lichaam te reguleren, dat wil zeggen het glucosegehalte in het bloed. Het zorgt ervoor dat glucose in de lichaamscellen kan komen [2,3,5]. De cellen kunnen vervolgens de glucose als energiebron gebruiken [3].

Bij mensen die niet leven met diabetes wordt dit hormoon continu in kleine hoeveelheden geproduceerd [3,5,6]. Na een maaltijd verhoogt het lichaam binnen een uur de productie ervan om de cellen te helpen de glucose uit het voedsel te gebruiken [1,3,6].

Wanneer het lichaam geen insuline meer aanmaakt en/of de lichaamscellen daar resistent voor worden, kunnen de glucosespiegels in het bloed niet langer gereguleerd worden; er ontstaat dan diabetes [3,7]. Diabetes wordt gekenmerkt door hoge bloedglucosespiegels; dit noemen we hyperglykemie [3,7].

Bij mensen die leven met diabetes type 1 worden de cellen die verantwoordelijk zijn voor de aanmaak van insuline (bètacellen) vernietigd door het eigen afweersysteem van het lichaam. Daardoor kan de alvleesklier deze niet meer produceren of slechts in zeer kleine hoeveelheden [3]. Diabetes type 2 daarentegen treedt op wanneer de lichaamscellen niet goed reageren op insuline en wanneer de alvleesklier deze niet in voldoende hoeveelheden kan produceren [3,4,5].

De evolutie van insuline

Insuline werd in 1921 ontdekt door Frederick Banting en Charles Best aan de Universiteit van Toronto, en werd in het begin onttrokken aan de alvleesklier van varkens, koeien en paarden [1,3,7,8].

In het begin van de jaren 80 slaagden onderzoekers erin om recombinante menselijke insuline te produceren in het laboratorium [3,7,8]. Dit werd in 1982 voor het eerst op de markt gebracht [2,3,4,8]. Het bleek zuiverder en minder allergeen te zijn dan dierlijke insuline, en de structuur ervan was vergelijkbaar met de insuline uit de menselijke alvleesklier [2,4]. 

De onderzoekers slaagden er vervolgens in om de structuur van menselijke insuline te veranderen, om de snelheid en duur van de werking te optimaliseren [2,3,4,5]. Deze gewijzigde insulines worden analogen genoemd en zijn sinds 1996 op de markt [2,5,6].

De verschillende soorten insuline

Tegenwoordig zijn er verschillende soorten insuline beschikbaar voor de behandeling van diabetes, met verschillende gradaties van snelheid en werkingsduur [3]:

  • Kortwerkende insuline, ook bekend als reguliere insulines; dit zijn menselijke insulines die in het laboratorium worden gemaakt. Ze beginnen gewoonlijk 30 minuten na toediening te werken en hebben een gemiddelde werkingsduur van ongeveer 6 uur [3,5,8].
  • Snelwerkende analogen, die zijn ontwikkeld om sneller (10-30 minuten na toediening) en korter (3 tot 5 uur) te werken dan de reguliere insuline. [3,4,5,7].
  • Middellang werkende insuline, die wordt gemaakt door reguliere insuline te combineren met protamines (een eiwit) of zink. Ze beginnen meestal binnen 1-2 uur na toediening te werken en kunnen ongeveer 20 uur actief blijven [1,3,5,8].
  • Langwerkende analogen, die zijn ontwikkeld om langer en met grotere stabiliteit te werken dan de middellangwerkende [4,5,7]. Langwerkende analogen hebben een werkingsduur van ongeveer 24 uur, en sommige “ultra-lange” werkende analogen kunnen actief blijven tot 42 uur [5,6].

De snelheid en werkingsduur van deze verschillende soorten kunnen variëren afhankelijk van een aantal factoren, waaronder de toegediende dosis, de temperatuur of de toedieningsplaats [5,6,8].

De rol van insuline bij de behandeling van diabetes

Insuline is van essentieel belang in de behandeling van diabetes type 1. In sommige gevallen kunnen mensen met diabetes type 2 het ook nodig hebben, vooral wanneer geneesmiddelen niet langer voldoende zijn om de bloedglucosespiegels in evenwicht te brengen [3,4,6,8,9]. Dit hormoon wordt onder de huid toegediend met een spuit, een pen of een pomp [1,4,6].

Het doel van de toediening ervan is om de natuurlijke functie van de alvleesklier na te bootsen, waardoor het lichaam de insuline krijgt die het nodig heeft gedurende de dag en na de maaltijd. Hierdoor kunnen mensen die zelf niet langer of niet genoeg insuline produceren, verhogingen van hun bloedglucose beperken [1,3,7].

Les références

  1. Allen D. Ruan CH, King B. & Ruan KH. Recent advances and near future of insulin production and therapy. FutureMed. Chem. (2019) 11(13), 1513–1517. doi: 10.4155/fmc-2019-0134.
  2. Ignazio Vecchio, Cristina Tornali, Nicola Luigi Bragazzi and Mariano Martini. The Discovery of Insulin: An Important Milestone in the History of Medicine. Front Endocrinol (Lausanne). 2018 Oct 23;9:613. doi: 10.3389/fendo.2018.00613. eCollection 2018.
  3. Ahmad K. Insulin sources and types: a review of insulin in terms of its mode on diabetes mellitus. J Tradit Chin Med. 2014 April 15; 34(2): 234-237. doi: 10.1016/s0254-6272(14)60084-4.
  4. Shahani S., Shahani L. Use of insulin in diabetes: a century of treatment. Hong Kong Med J. 2015 dec 21 (6) : 553-9. doi: 10.12809/hkmj154557. Epub 2015 Nov 6.
  5. O M Selivanova, S Yu Grishin, A V Glyakina, A S Sadgyan, N I Ushakova, O V Galzitskaya. Analysis of Insulin Analogs and the Strategy of Their Further Development. Biochemistry (Mosc). 2018 Jan;83(Suppl 1):S146-S162. doi: 10.1134/S0006297918140122.
  6. Edyta Cichocka, Anna Wietchy, Katarzyna Nabrdalik, Janusz Gumprecht. Insulin therapy — new directions of research, Endokrynologia Polska, Tom/Volume 67; Numer/Number 3/2016. doi: 10.5603/EP.2016.0044.
  7. Adams GG, Meal A, Morgan PS, Alzahrani, QE, Zobel H, Lithgo R, et al. (2018) Characterisation of insulin analogues therapeutically available to patients. PLoS One. 2018 Mar 29;13(3):e0195010. doi: 10.1371/journal.pone.0195010. eCollection 2018.
  8. Wolfgang Landgraf, Juergen Sandow. Recombinant Human Insulins –Clinical Efficacy and Safety in Diabetes Therapy. Eur Endocrinol. 2016 Mar;12(1):12-17. doi: 10.17925/EE.2016.12.01.12. Epub 2016 Mar 15.
  9. James R LaSalle, Rachele Berria. Insulin therapy in type 2 diabetes mellitus: a practical approach for primary care physicians and other health care professionals. J Am Osteopath Assoc. 2013 Feb;113(2):152-62.
Show me:
All

Hoe wordt u getest op diabetes?

Comment puis-je faire un test de dépistage du diabète

Hoe wordt u getest op diabetes?

Lees verder om te weten te komen waaruit een diabetestest bestaat en wat de criteria zijn voor een positieve diagnose van diabetes.

Testen op diabetes type 1 en type 2

Uitzoeken of u diabetes heeft, houdt in dat een zorgverlener een bloedmonster afneemt om uw bloedglucose (suiker)-waarden te meten. Deze bloedtest kan worden uitgevoerd in een medisch laboratorium:

  • Na ten minste 8 uur vasten
  • Op elk moment van de dag
  • Na het drinken van een zoete drank (75 g glucose verdund in water) na een vastenperiode van ten minste 8 uur (zonder te eten, alcohol te drinken of te roken); deze test, de orale glucosetolerantietest (OGTT) genoemd, moet onder toezicht staan van een laboratorium [1,2,3,4,5].

Volgens de laatste richtlijnen van de Wereldgezondheidsorganisatie (World Health Organization, WHO) en de Internationale Diabetes Federatie (IDF) kunt u gediagnosticeerd worden met diabetes als uw bloedtestresultaten het volgende aantonen:

  • Uw bloedsuikerspiegel is 126 mg/dl (7,0 mmol/l) of hoger, toen de bloedtest werd uitgevoerd op een nuchtere maag
  • Uw bloedglucosewaarde is 200 mg/dl (11,1 mmol/l) of meer, wanneer de bloedtest op eender welk moment van de dag werd uitgevoerd
  • Uw bloedglucosewaarde is 200 mg/dl (11,1 mmol/l) of hoger twee uur na de OGTT
  • Uw HbA1c (geglyceerde hemoglobine) is gelijk aan of hoger dan 6,5% (48 mmol/mol), ongeacht of de bloedtest werd uitgevoerd op een lege maag. Daarbij moet worden opgemerkt dat in sommige gevallen (bijv. zwangerschap, ijzergebrek of milt-, lever- of nierziekte) HbA1c-waarden foutief kunnen zijn [1,2,3,4,5].

De resultaten moeten worden bevestigd door nog een of meerdere bloedtesten binnen 14 dagen na de eerste [1,2,3]. Als een positieve diagnose wordt bevestigd, kan rekening worden gehouden met andere indicatoren en deze worden geanalyseerd om te bepalen of het diabetes type 1 of type 2 betreft:

  • leeftijd;
  • body mass index (BMI);
  • symptomen;
  • de aanwezigheid in het bloed van auto-antilichamen gericht tegen de insulineproducerende cellen van de alvleesklier (de bètacellen in de eilandjes van Langerhans) [1,4,5].

Testen op prediabetes

Testen op prediabetes (wanneer er een hoog risico is op het ontwikkelen van diabetes type 2) kunnen ook worden uitgevoerd door het doen van één of meer bloedtesten [1,3,5].

Volgens de WHO en de meeste diabetesorganisaties tonen uw bloedtestresultaten een positieve diagnose van prediabetes als:

  • Uw nuchtere bloedglucosewaarde lager is dan 126 mg/dl (7,0 mmol/l) EN uw bloedglucose twee uur na de OGTT tussen 140 en 200 mg/dl (7,8-11,1 mmol/l) is
  • Uw nuchtere bloedglucose tussen 110 en 125 mg/dl (6,1-6,9 mmol/l) [5] is.

Opgemerkt dient te worden dat de screeningscriteria voor de Amerikaanse Diabetesassociatie (ADA) iets anders zijn dan de criteria voor de diagnose van prediabetes, met HbA1c-waarden tussen 5,7 en 6,4% (39-47 mmol/mol) en/of nuchtere bloedglucosewaarde tussen 100 en 125 mg/dl (5,6-6,9 mmol/l) [1,3].

Screening op zwangerschapsdiabetes

De WHO en de internationale federatie van gynaecologie en verloskunde (International Federation of Gynaecology and Obstetrics, FIGO), definieert zwangerschapsdiabetes als diabetes die zich ontwikkelt of voor het eerst wordt gediagnosticeerd tijdens de zwangerschap (meestal na de 24e week) [2,3,5].

De screeningcriteria voor positieve diagnose van zwangerschapsdiabetes zoals gedefinieerd door de WHO zijn als volgt:

  • Een nuchtere bloedglucosespiegel van 92 mg/dl (5,1 mmol/l) of hoger
  • Een glucosetolerantietest die resulteert in een bloedglucosewaarde van 180 mg/dl (10,0 mmol/l) of hoger na één uur, en een bloedglucosewaarde van 153 mg/dl (8,5 mmol/l) of hoger na twee uur [2,3,5].

Als u ook maar de minste twijfel of vragen heeft, kan het nuttig zijn om contact op te nemen met uw huisarts. 

Les références

  1. Karly Pippitt, Marlana Li, Holly E Gurgle. Diabetes Mellitus: Screening and Diagnosis. Am Fam Physician. 2016 Jan 15;93(2):103-9.
  2. A. Petersmann and al. Definition, Classification and Diagnosis of Diabetes Mellitus. Exp Clin Endocrinol Diabetes 2019; 127 (Suppl 1): S1–S7. doi: 10.1055/a-1018-9078.
  3. American Diabetes Association. Classification and Diagnosis of Diabetes: Standards of Medical Care in Diabetes-2020. Diabetes Care 2020; 43(Suppl. 1):S14–S31. doi : 10.2337/dc20-S002.
  4. L.A. Dimeglio, C. Evans-Molina, R.A.Oram. Type 1 diabetes. Lancet. 2018 June 16; 391(10138): 2449–2462. doi:10.1016/S0140-6736(18)31320-5.
  5. DF. Diabetes Atlas. 9th edition. 2019.
Show me:
All

Stress en diabetes

Stress et diabète

Stress en diabetes

In de afgelopen jaren hebben een aantal wetenschappelijke onderzoeken de mogelijke effecten onderzocht van stress op diabetes, en hebben aangetoond dat het mogelijk is om te leren om stress te voorkomen en te beheersen [1,2,3,4]. In dit artikel vindt u nuttige informatie over de relatie tussen diabetes en stress, evenals enkele aanbevelingen die u kunnen helpen om te gaan met stressvolle situaties die u in uw dagelijks leven kunt tegenkomen.

Is diabetes een oorzaak van stress?

Uit een recent onderzoek onder bijna 9000 volwassenen bleek maar liefst 45% van de mensen met diabetes angst en stress te ervaren bij het omgaan met hun aandoening [1,5].

Het voortdurend moeten controleren van de bloedglucosespiegels, het volgen van een specifiek dieet, het toedienen van insuline en/of het innemen van orale medicatie kan allemaal van invloed zijn op het dagelijkse welzijn [2,4]. Episoden van hypoglykemie, veranderingen in de behandeling en vertrouwd raken met nieuwe technologie (bijv. een insulinepomp of continue glucosecontrole) zijn ook situaties die mogelijk stress veroorzaken [1,2].

De manier waarop mensen reageren op een stressvolle situatie of gebeurtenis verschilt echter van persoon tot persoon [1,4]. Voor sommigen kan stress positief worden ervaren, bijvoorbeeld wanneer het wordt gezien als een uitdaging [4]! Deze verschillen in reactie kunnen op diverse manieren worden verklaard: de context waarin de stress optreedt is een belangrijke factor, maar het hangt ook af van persoonlijke voorgeschiedenis en weten dat men kan vertrouwen op steun uit de sociale omgeving [1,4].

Is stress van invloed op de bloedglucose?

Stress is een van de natuurlijke reacties waarop het lichaam omgaat met een situatie die het als bedreigend beschouwt [1,4].

Als reactie daarop bereidt het lichaam zich voor op actie – de vlucht- of vechtreflex – en heeft daarom energie nodig. Een manier om dit te doen is door een aantal stresshormonen te produceren, zoals cortisol. Dit hormoon bevordert de afgifte van glucose (suiker) en lipiden (vetten) in de bloedbaan, wat op zijn beurt de bloedglucosespiegels verhoogt, wat leidt tot een onbalans in de bloedglucosespiegel die langer of korter kan aanhouden [1,4,5]. 

De precieze effecten van stress op de bloedglucose zijn echter ingewikkeld, en worden nog niet volledig begrepen [1,4,5]. Er is bewijs dat suggereert dat alleen chronische stress een effect heeft op glykemische behandeling, en dus op HbA1c-niveaus [2].

Veel onderzoeken suggereren ook dat de invloed van stress op diabetes eerder indirect is. Gespannen of angstig zijn kan leiden tot minder aandacht voor behandeling en levensstijl (roken, alcoholgebruik, lichamelijke inactiviteit en ongebalanceerd dieet), waardoor men minder zorgvuldig omgaat met de bloedglucosespiegels [1,3,4].

Bovendien toonde een onderzoek dat werd gepubliceerd in het medische tijdschrift Diabetes Care aan dat niet alle stressvolle situaties noodzakelijkerwijs een negatieve invloed hebben op de bloedglucosebeheersing. In dit onderzoek werd de deelnemers gevraagd onderscheid te maken tussen positieve stresserende gebeurtenissen (bijv. een verloving, de geboorte van een kind of een nieuwe baan) en negatieve stresserende gebeurtenissen (bijv. ruzie of het overlijden van een dierbare) die het afgelopen jaar in hun leven hebben plaatsgevonden [4].

De resultaten toonden aan dat degenen met onevenwichtige bloedglucosespiegels negatieve stress hadden ervaren, terwijl degenen die positieve stress rapporteerden de neiging hadden om hun diabetesmanagement te optimaliseren [4]!

Tips voor het omgaan met stress

Uit verschillende onderzoeken bleek dat stress op een aantal belangrijke manieren kan worden aangepakt:

  • leren om bronnen van stress te herkennen en te verminderen, bijvoorbeeld door progressieve spierontspanning, ademhalingsoefeningen, meditatie en positieve mentale projectie;
  • proberen zichzelf realistische, meetbare en haalbare doelen te stellen, bijvoorbeeld door een wandeling van 20 minuten in te plannen gedurende 3 dagen per week op hetzelfde tijdstip van de dag;
  • plezierige vrijetijdsactiviteiten integreren in het dagelijks leven;
  • anxiolytica of antidepressiva gebruiken (praat erover met uw huisarts en krijg een recept voordat u met een nieuw geneesmiddel begint) [1,2,3,4,5].

De positieve effecten van stressmanagement bevorderen het psychisch welzijn en kunnen in sommige gevallen ook een gunstige invloed hebben op bloedglucosebeheersing. Sommige onderzoeken hebben inderdaad aangetoond dat leren omgaan met stress kan helpen bij het optimaliseren van de bloedglucoseregulatie [1,2,3,4,5].

 

Les références

  1. Hackett R.A. Type 2 diabetes mellitus and psychological stress — a modifiable risk factor. Nature Reviews Endocrinology, sept. 2017, volume 13, pages 547–560(2017). doi: 10.1038/nrendo.2017.64.
  2. Hilliard M.E. and al. Stress and A1c Among People with Diabetes Across the Lifespan. Curr Diab Rep. August 2016 ; 16(8): 67. doi:10.1007/s11892-016-0761-3.
  3. Surwit R.S and al. Stress Management Improves Long-Term Glycemic Control in Type 2 Diabetes. Diabetes Care. 2002 Jan;25(1):30-4. doi: 10.2337/diacare.25.1.30.
  4. Lloyd C.,Smith J., Weinger K. Stress and Diabetes: A Review of the Links. Diabetes Spectrum 2005 Apr; 18(2): 121-127. doi : 10.2337/diaspect.18.2.121
  5. Hackett R.A. and Steptoe A. Psychosocial Factors in Diabetes and Cardiovascular Risk. Curr Cardiol Rep. 2016 Oct;18(10):95. doi: 10.1007/s11886-016-0771-4.
Show me:
All

Diabetes en wondgenezing

Pourquoi le diabète peut-il affecter la cicatrisation des plaies

Diabetes en wondgenezing

Leven met diabetes betekent vooral aandacht besteden aan huidwonden, omdat deze de neiging hebben om langzamer te genezen [1,2,3,4,5]. Waarom gebeurt dat? Zijn er tips voor het bevorderen van de wondgenezing? Lees verder om de antwoorden op deze vragen te ontdekken.

De verschillende stadia van wondgenezing

De wondgenezing is een natuurlijk herstelproces dat het lichaam spontaan in gang zet wanneer de huid beschadigd is [1,2,4].

Het wondherstelproces van de huid bestaat uit verschillende fasen:

  • Hemostase (vorming van een korst van gestold bloed dat het oppervlak van de wond bedekt om bloeding te stoppen), dit begint onmiddellijk na het letsel
  • Ontsteking (grote aantallen afweercellen worden naar de wond gestuurd om deze te reinigen en te beschermen tegen infectie), wat kort na voltooiing van de eerste fase plaatsvindt
  • Reconstructie/proliferatie (vorming van nieuwe bloedvaten en huidcellen om tijdelijk nieuw weefsel te bouwen), die ongeveer drie dagen na het eerste huidletsel begint
  • Hermodellering/rijping (vorming van littekenweefsel en verbetering van het uiteindelijke uiterlijk), die meestal na 2-3 weken begint en soms enkele jaren kan duren, waarbij de huidstructuur geleidelijk terugkeert tot een toestand die zo veel mogelijk lijkt op de huid vóór het letsel [1,2,3,5].

Bij elk van deze stappen is een breed scala van verschillende cellen en moleculen betrokken en deze werken samen om de huid te herstellen [2,3,4,5].

Kan diabetes invloed hebben op de wondgenezing?

De wondgenezing is een complex proces dat nog niet volledig begrepen wordt [1,2,5]. Talrijke laboratorium- en klinische onderzoeken hebben echter meer inzicht gegeven in mogelijke negatieve invloeden op de verschillende stadia van het herstel van huidwonden [2]. Het is aangetoond dat met name diabetes de wondgenezing kan vertragen [1,2,3,4,5].

Onderzoeken tonen aan dat hyperglykemie na verloop van tijd kan leiden tot beschadiging van grote en kleine bloedvaten. Dit kan op zijn beurt leiden tot een afname van de bloedtoevoer, waardoor onvoldoende zuurstof naar de wond wordt gestuurd. Dit kan nadelig zijn voor de wondgenezing, omdat bij de meeste fasen van het proces grote hoeveelheden zuurstof nodig zijn [1,2,3,4].

Bij mensen met diabetes kan de productie van voldoende hoeveelheden cellen en moleculen voor wondgenezing en verdediging tegen infecties verminderd zijn, en de cellen kunnen ook een verminderd vermogen hebben om zich te vermenigvuldigen en normaal te functioneren [1,2,3,4,5].

Diabetes: het bevorderen van chronische wondgenezing

Omdat onderzoeken suggereren dat een verstoorde balans in bloedglucose leidt tot een langzamere en moeilijkere wondgenezing, wordt aanbevolen dat u uw diabetes zo zorgvuldig mogelijk onder controle probeert te houden [3,5].

Verschillende onderzoeken hebben ook aangetoond dat er een aantal manieren zijn om de wondgenezing van de huid te bevorderen, waaronder:

  • Rusthoudingen aannemen om te voorkomen dat er druk op de wond wordt uitgeoefend
  • Behandelen van een infectie met daarvoor geschikte antibiotica die door uw zorgverlener zijn voorgeschreven
  • Een verpleegkundige specifieke zorg laten uitvoeren: regelmatig debridement van een wond (verwijdering van dood of geïnfecteerd weefsel) en/of gebruik van geschikte verbanden [3,4,5].

In het dagelijks leven wordt ook aanbevolen om, indien mogelijk, factoren te beperken die het genezingsproces kunnen vertragen. Onderzoeken hebben zelfs aangetoond dat stress en de bijbehorende aandoeningen (angst en depressie), overmatig alcohol- en tabaksgebruik en tekort aan bepaalde voedingsstoffen (eiwitten, lipiden, vitamine A, C, E en mineralen zoals magnesium, zink, ijzer en koper) de genezing kunnen belemmeren en u vatbaarder maken voor infectie [2].

 

Les références

  1. U.A. Okonkwo and L.A. DiPietro. Diabetes and Wound Angiogenesis. Int. J. Mol. Sci. 2017, 18, 1419; doi:10.3390/ijms18071419.
  2. S.Guo and L.A. DiPietro. Factors affecting wound healing. J Dent Res 89(3):219-229, 2010. doi: 10.1177/0022034509359125.
  3. E.Tsourdi et al. Current aspects in the pathophysiology and treatment of chronic wounds in diabetes mellitus. Biomed Res Int, April 2013;2013:385641. doi: 10.1155/2013/385641
  4. H Brem and M. Tomic-Canic. Cellular and molecular basis of wound healing in diabetes. J. Clin. Invest. 117:1219–1222 (2007). doi: 10.1172/JCI32169.
  5. G.Han and R.Ceilley. Chronic Wound Healing: A Review of Current Management and Treatments. jan. 2017. Adv Ther (2017) 34:599–610. doi: 10.1007/s12325-017-0478-y.
Show me:
All

Groenten en diabetes: moet men sommige wel en andere juist niet eten?

Diabète et légumes: lesquels manger

Groenten en diabetes: moet men sommige wel en andere juist niet eten?

Vol vezels, mineralen, vitamines en antioxidanten, en vetarm... Groenten, inclusief peulvruchten, hebben talrijke positieve effecten op onze gezondheid [1,2,3]. De meeste gezondheidsautoriteiten raden aan dat mensen met diabetes, net als de bevolking in het algemeen, groenten opnemen in hun dagelijkse voeding [1,2,3,4]. Wat zijn de voordelen van groenten en wat zijn de beste om te eten om daar optimaal van te profiteren? Lees verder voor meer informatie.

Groenten eten voor het helpen voorkomen en behandelen van diabetes type 2

Verschillende klinische onderzoeken hebben aangetoond dat een dieet met een groot aandeel plantaardige voedingsmiddelen (groenten, maar ook fruit, volkoren granen, peulvruchten, noten en zaden) het risico vermindert op het ontwikkelen van diabetes type 2 [1,2]. Onderzoeken hebben ook aangetoond dat een voornamelijk plantaardig dieet kan helpen om:

  • de hoeveelheid gebruikte medicatie te verminderen [1];
  • geglyceerde hemoglobinespiegels (HbA1c) te verlagen [1,2];
  • de bloedglucoseregulatie te optimaliseren [1,2];
  • cholesterolwaarden te verlagen [1,2];
  • bepaalde hart- en niercomplicaties te voorkomen en behandelen [1,2];
  • af te vallen [1,2].

Overstappen op een plantaardig dieet betekent het beperken van de hoeveelheden dierlijke producten, verwerkt voedsel en geraffineerd voedsel, en vooral het eten van meer groenten van alle soorten en kleuren [1,2]:

  • bladgroenten of kruisbloemige groente (broccoli, spinazie, kolen, rapen, enz.);
  • rode en oranje groenten (tomaten, wortelen, rode paprika's, pompoen, enz.);
  • wortelgroenten en andere groenten (uien, sla, sperziebonen, enz.);
  • peulvruchten (linzen, kikkererwten, gedroogde bonen, enz.) [1,3].

De meeste voedingsrichtlijnen adviseren om een reeks verschillende soorten groenten te eten, bij voorkeur vers en onverwerkt, elke dag bij elke maaltijd [3,4].

Diabetes: moeten men oppassen met sommige groenten?

Hoewel de meeste groenten over het algemeen een lage glykemische index (GI) hebben, hebben sommige planten een hoger koolhydraatgehalte en hebben ze de neiging om de bloedglucosespiegels te verhogen [2,4,5]. Dit is bijvoorbeeld het geval bij:

  • zetmeelrijke groenten, zoals aardappelen;
  • zoete aardappelen;
  • maïs [3,4,5].

Omdat uit onderzoeken is gebleken dat het eten van voornamelijk voedingsmiddelen met lage GI kan helpen om de bloedglucosespiegels in evenwicht te houden, kan het nuttig zijn om deze groenten met mate te eten als u diabetes heeft [4].

Les références

  1. McMacken and S. Shah. A plant-based diet for the prevention and treatment of type 2 diabetes. J Geriatr Cardiol. 14(5): 342–354 ; mai 2017 ; doi: 10.11909/j.issn.1671-5411.2017.05.009.
  2. R.Polak, E.M Phillips and A.Campbell. Legumes: Health Benefits and Culinary Approaches to Increase Intake. Clinical Diabetes 33(4): 198-205 : octobre 2015 ; doi : 10,2337/diaclin.33.4.198.
  3. Joanne L Slavin, Beate Lloyd. Health benefits of fruits and vegetables. Adv Nutr. 2012 Jul 1;3(4):506-16. doi: 10.3945/an.112.002154.
  4. Alison Gray, Rebecca J Threlkeld, Kenneth R Feingold , Bradley Anawalt, Alison Boyce, George Chrousos, Wouter W de Herder, Kathleen Dungan, Ashley Grossman, Jerome M Hershman, Hans J Hofland, Gregory Kaltsas, Christian Koch, Peter Kopp , Márta Korbonits , Robert McLachlan, John E Morley , Maria New, Jonathan Purnell, Frederick Singer, Constantine A Stratakis , Dace L Trence , Don P Wilson, editors. Nutritional Recommendations for Individuals with Diabetes. In: Endotext [Internet]. South Dartmouth (MA): MDText.com, Inc.; 2000–. 2019 Oct 13. PMID: 25905243. Bookshelf ID: NBK279012.
  5. FS Atkinson, K Foster-Powell and J.C Brand-Miller. International Tables of Glycemic Index and Glycemic Load Values: 2008, Diabetes Care. 2008 Dec; 31(12): 2281–2283 ; doi: 10.2337/dc08-1239.
Show me:
All

Een nieuw schooljaar begint: uw kind helpen bij het beheersen van zijn/haar diabetes op school

A new school year begins: helping your child manage their diabetes at school

Een nieuw schooljaar begint: uw kind helpen bij het beheersen van zijn/haar diabetes op school

Om uw kind te helpen veilig te beginnen met zijn/haar nieuwe schooljaar en zijn/haar diabetes gedurende het schooljaar te beheersen, vindt u hier een aantal aanbevelingen die u kunt opvolgen.

Het individuele zorgplan van uw kind voorbereiden

Zelfs als de school van uw kind al meerdere leerlingen met diabetes heeft, is de kans groot dat uw kind, afhankelijk van zijn/haar leeftijd, temperament en onafhankelijkheidsniveau, zijn/haar eigen specifieke behandelings- en zorgbehoeften heeft [1,2]. Daarom wordt in de verschillende richtlijnen voor de klinische praktijk aangeraden om een individueel zorgplan op te stellen [1,2,3].

Het individuele zorgplan is een document waarin de specifieke behoeften van uw kind wat betreft diabetesbeheer op school worden beschreven. U kunt het schrijven met de hulp van de arts van uw kind [1,2,3] en het omvat waarschijnlijk:

  • uw naam, de naam en geboortedatum van uw kind, de leeftijd waarop uw kind werd gediagnosticeerd met diabetes en het type diabetes [2] ;
  • uw telefoonnummer en het telefoonnummer van de arts van uw kind en eventuele contactgegevens in geval van nood [2] ;
  • hoe de bloedsuiker van uw kind wordt gemonitord [2,3] ;
  • toedieningsmethoden voor insuline en/of medicatie [2,3] ;
  • informatie over het gebruik van bloedsuikermeters en apparaten voor het toedienen van insuline [2] ;
  • symptomen en behandeling van hypoglykemie en hyperglykemie [2,3] ;
  • voedingsadviezen [2,3] ;
  • te nemen voorzorgsmaatregelen bij lichaamsbeweging [2,3] ;
  • wat uw kind zelfstandig kan doen en waar hij/zij hulp bij nodig heeft [2] ;
  • uw toestemmingsverklaring voor het verlenen van spoedeisende hulp aan uw kind door aangewezen personeel van de school [2].

Communicatie met schoolpersoneel

Het verdient sterke aanbeveling om met het personeel op school te overleggen en ze de informatie te geven die ze nodig hebben om uw kind vanaf de allereerste schooldag te helpen bij het beheersen van zijn/haar diabetes [2,3].

Daarom is het wellicht een goed idee om vóór de herfstvakantie een overleg te organiseren met de directeur, leerkrachten, de schoolverpleegkundige en eventueel andere mensen die tijdens het schooljaar contact hebben met uw kind [1,2].

U kunt dit overleg gebruiken om alle betrokken personeelsleden (opnieuw) uit te leggen wat diabetes is, wat het beheer ervan inhoudt en wat er gedaan kan worden om [1,2,3,4]:

  • uw kind te helpen bij het controleren van zijn/haar bloedsuiker en bij het toedienen van insuline, indien op enig moment toezicht van een volwassene nodig is [2,3]; 
  • uw kind altijd zijn/haar bloedsuikermeter en een bron van snelwerkende suiker, om hypoglykemie te behandelen, bij de hand te laten hebben (op zijn/haar bureau of in zijn/haar schoolzak) [1,2,3,4]. Kits met glucagoninjecties moeten ook beschikbaar worden gesteld voor de behandeling van ernstige hypoglykemie en moeten in de koelkast worden bewaard [2,3];
  • u informeren over het voedsel dat in de schoolkantine wordt geserveerd (hoeveelheid koolhydraten, portiegrootte) en over schoolactiviteiten [1,2,3];
  • uw kind toe te staan om te eten en naar het toilet te gaan wanneer dat nodig is [2,3];
  • toegang te hebben tot een schone, besloten ruimte met een kraan voor zelfzorg [1,2,3,4];
  • het beschikbaar stellen van een naaldencontainer en vuilnisbak voor gebruikte medische apparatuur, en een koelkast of andere koele plek om insuline te bewaren [1,2,4];
  • uw kind op elk moment toe te staan om naar de verpleegkundige of zorgcoördinator te gaan [3];
  • het regelen van onderzoeken en tests indien nodig [1,2].

Dit overleg geeft u ook de mogelijkheid om het individuele zorgplan door te nemen, dat u van tevoren heeft voorbereid [1,2].

Wat moet u in de schooltas van uw kind stoppen

Een andere aanbeveling uit de klinische richtlijnen is dat u ervoor zorgt dat uw kind op school altijd de volgende dingen heeft:

  • medische hulpmiddelen en/of medicatie en eventuele gebruiksaanwijzingen;
  • suikerklontjes, een zoet drankje en een kleine snack;
  • hun individueel zorgplan;
  • een notitieboekje om de bloedsuikermetingen en medische voorvallen (hypoglykemie en hyperglykemie) op te schrijven [2,3].

Ten slotte is het een goed idee om regelmatig met het personeel op school te overleggen om ervoor te zorgen dat het schooljaar zo soepel mogelijk verloopt. De school moet u informeren over eventuele veranderingen in het rooster van uw kind (bijv. specifieke sportactiviteiten of speciale maaltijden) en de bloedsuikerspiegel, zodat u de behandeling van uw kind kunt aanpassen en de controle van de bloedsuiker kunt optimaliseren [1,2,3].

 

Les références

  1. S.E Lawrence. et al. Managing type 1 diabetes in school: Recommendations for policy and practice. Paediatr Child Health January/February 2015;20(1):35-44. doi: 10.1093/pch/20.1.35.
  2. Bratina N, Forsander G, Annan F, et al. ISPAD Clinical Practice Consensus Guidelines 2018: Management and support of children and adolescents with type 1 diabetes in school. Pediatr Diabetes. 2018 Oct;19 Suppl 27:287-301. doi: 10.1111/pedi.12743.
  3. ADA. Diabetes Care in the School and Day Care Setting. Diabetes Care Volume 37, (Supplement 1) S91-S96, Jan. 2014. doi :10.2337/dc14-S091.
  4. Silver Bahendeka, Ramaiya Kaushik, Andrew Babu Swai, Fredrick Otieno, Sarita Bajaj, Sanjay Kalra, Charlotte M Bavuma, Claudine Karigire. EADSG Guidelines: Insulin Storage and Optimisation of Injection Technique in Diabetes Management. Diabetes Ther. 2019 Apr;10(2):341-366. doi: 10.1007/s13300-019-0574-x. Epub 2019 Feb 27.
Show me:
All

Hyperglycemie: definitie, symptomen, behandeling

Qu’est-ce que l’hyperglycémie

Hyperglykemie: definitie, symptomen, behandeling

Als u recent de diagnose diabetes heeft gekregen, kan het woord hyperglycemie misschien verwarrend zijn voor u en uw naasten. Oorzaken, symptomen en behandeling: dit artikel zal u helpen begrijpen wat een episode van hyperglycemie is en hoe u deze kunt voorkomen.

Wat is hyperglycemie?

Bloedglucose, ook wel glycemie genoemd, is de hoeveelheid glucose (suiker) in het bloed. Het niveau varieert gedurende de dag en nacht – soms wat hoger, soms wat lager – en wordt van nature door het lichaam gereguleerd om binnen bepaalde grenzen te blijven bij mensen zonder diabetes [1,2,6].

Wanneer de bloedglucose te hoog is, spreken we van hyperglykemie [1,2]. De term hyperglykemie is afgeleid van de Griekse woorden “hyper” (hoog/voorbij een bepaald punt), “glykys” (zoet/suiker) en “haima” (bloed) [3].

Wanneer hyperglycemie steeds terugkomt en na verloop van tijd aanhoudt, wordt gezegd dat het chronisch is. Dit gebeurt wanneer het bloed niet genoeg insuline bevat (het hormoon dat de bloedglucose verlaagt) en/of de cellen van het lichaam resistent wordt tegen de werking van insuline. Daardoor hoopt glucose zich op in het bloed, waardoor de bloedglucosespiegels stijgen [1,3,4,5,6].

Chronische hyperglycemie is een kenmerk van onbehandelde diabetes. Op de lange termijn kan het leiden tot complicaties zoals trage wondgenezing, retinopathie (oogaandoeningen), neuropathie (zenuwbeschadiging) en slagader-, hart- en niercomplicaties [1,2,3,4,6].

Welke bloedglucosewaarde is een indicatie van diabetische hyperglykemie?

De Internationale Diabetes Federatie (IDF) en de Wereldgezondheidsorganisatie (World Health Organization, WHO) beschouwen dat diabetes aanwezig is als de bloedglucosespiegels op enig moment van de dag 126 mg/dl (7,0 mmol/l) of hoger zijn in nuchtere toestand of 200 mg/dl (11,1 mmol/l) of hoger in aanwezigheid van symptomen van hyperglykemie of 2 uur na het drinken van een vloeistof die 75 g glucose bevat [3,4,5,7].

Tekenen en symptomen van hyperglycemie

Matig hoge bloedglucose heeft meestal geen merkbare symptomen. Overmatig hoge bloedglucosespiegels kunnen echter leiden tot het optreden van de volgende tekenen en symptomen:

  • vaak en overvloedig plassen (polyurie);
  • intense dorst (polydipsie);
  • vermoeidheid en slaperigheid;
  • gewichtsverlies;
  • misselijkheid en duizeligheid [1,2,3].

Behandeling van chronische hyperglycemie

Afhankelijk van uw type diabetes kunnen, met behulp van een endocrinoloog, verschillende behandelingen worden opgestart gericht op het “normaliseren” van de bloedglucose:

  • Een specifieke levensstijl volgen (regelmatige lichamelijke activiteit met een gezond, evenwichtig dieet)
  • Eén of meer hypoglycemische (glucoseverlagende) geneesmiddelen gebruiken in geval van diabetes type 2
  • Toedienen van insuline als u diabetes type 1 heeft of in het geval van diabetes type 2 waarbij medicatie en veranderingen in levensstijl niet voldoende zijn om uw bloedglucosespiegels onder controle te houden [3,5,7,8,9].

Les références

  1. Institute for Quality and Efficiency in Health Care (IQWiG),Cologne,Germany. Hyperglycemia and hypoglycemia in type 1 diabetes. May 29, 2007; Last Update:June 29, 2017.
  2. Institute for Quality and Efficiency in Health Care (IQWiG), Cologne, Germany. Hyperglycemia and hypoglycemia in type 2 diabetes. May 29, 2007; Last Update: January 11, 2018 Institute for Quality and Efficiency in Health Care (IQWiG); 2006.
  3. Mouri MI, Badireddy M. Hyperglycemia. [Updated 2020 Sep 10]. In: StatPearls [Internet]. Treasure Island (FL): StatPearls Publishing.
  4. A. Petersmann et al. Definition, Classification and Diagnosis of Diabetes Mellitus. Exp Clin Endocrinol Diabetes 2019; 127 (Suppl 1): S1–S7. doi: 10.1055/a-1018-9078.
  5. D. Giugliano. A.Ceriello and K. Espositio. Glucose metabolism and hyperglycemia. Am J Clin Nutr 2008;87(suppl):217S–22S.
  6. Hantzidiamantis PJ, Lappin SL. Physiology, Glucose. [Updated 2021 Sep 20]. In: StatPearls [Internet]. Treasure Island (FL): StatPearls Publishing; 2021 Jan-.
  7. IDF. Diabetes Atlas. 9th edition. 2019.
  8. Ceriello A, Colagiuri S. International Diabetes Federation guideline for management of postmeal glucose: a review of recommendations. Diabet Med. 2008 Oct;25(10):1151-6. doi: 10.1111/j.1464-5491.2008.02565.x. PMID: 19046192; PMCID: PMC2701558.
  9. S.E Inzucchi et al. Management of Hyperglycemia in Type 2 Diabetes: A Patient-Centered Approach. Diabete care, Vol. 35, june 2012. doi : 10.2337/dc12-0413
Show me:
All

Hoe slaapt u met een insulinepomp?

Comment dormir avec une pompe à insuline

Hoe slaapt u met een insulinepomp

De meest recente modellen insulinepomp zijn compact, stevig, gebruiksvriendelijk en zijn uitgerust met veel handige functies. Dit betekent dat men ze kan dragen zonder het comfort van de gebruiker in gevaar te brengen, zelfs ‘s nachts [1,2,3,4]! In dit artikel vindt u nuttige informatie en tips over hoe u het beste om kunt gaan met slapen met een insulinepomp.

Uw diabetes 's nachts onder controle houden met een insulinepomp

Sinds de introductie in de jaren 70 van de vorige eeuw heeft de insulinepomptechnologie enorme vooruitgang geboekt, waardoor de pompen nu steeds nauwkeuriger en betrouwbaarder worden [1,2,4].

Tegenwoordig kunnen sommige pompen worden gecombineerd met een continu glucosecontrolesysteem (CGM) dat elke 3-15 minuten (afhankelijk van het systeem) de bloedglucosespiegel meet via een onder de huid ingebrachte sensor. Hiermee kunt u de insulinetoediening direct aanpassen of programmeren, op basis van uw bloedglucosewaarden [1,3,5].

Een van de belangrijkste voordelen van het gebruik van een insulinepomp in combinatie met een CGM-systeem is de alarmfunctie. Deze waarschuwt u in geval van een hyper- of hypoglykemie door een hoorbaar signaal of trilling uit te zenden, zodat u de nodige aanpassingen kunt doen [1,2,5].

Sommige pompen bevatten ook de functie “drempel uitstellen” of “laag glucose uitstellen”. De CGM-sensor stuurt bloedglucosewaarden automatisch naar de pomp, die een algoritme gebruikt om de toediening van basale insuline te onderbreken gedurende een nauwkeurige periode (bijv. 30 minuten) wanneer de bloedglucose onder een vooraf gedefinieerde waarde valt (bijv. 70 mg/dl) als de drager van de pomp niet reageert op de hypoglykemiewaarschuwing [3,5].

Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat de mogelijkheid om de insulinedosis aan de huidige bloedglucosespiegel aan te passen of tijdelijk te onderbreken, het optreden van episoden van nachtelijke hypoglykemie kan verminderen [1,2,5,6].

Naast verhoogde betrouwbaarheid zijn insulinepompen ook ergonomischer geworden. Dankzij hun kleine formaat, vergelijkbaar met dat van een luciferdoosje, kunnen ze gemakkelijk worden gedragen tijdens de slaap [2,3].

Voorbereiding voor slapen met uw insulinepomp

Voordat u in een diepe en vredige slaap valt, kan het nuttig zijn om:

  • Te zorgen dat de CGM-sensor, de infusieset en de insulinepatroon in het pompreservoir allemaal correct zijn ingesteld
  • De niveaus van het insulinereservoirniveau en de acculading te controleren
  • De basale snelheid van de pomp aan te passen, indien nodig [1,2,5,6].

Een ander goed idee is om een reservebatterij bij de hand te houden [2].

Er zijn verschillende manieren om uw pomp 's nachts comfortabel te dragen, omdat de lengte van de flexibele slang van het pompreservoir naar de canule (de intraveneuze slang) kan variëren van 30 cm tot 120 cm (op huidige modellen beschikbaar sinds 2021). Met een langere slang kunt u bijvoorbeeld de pomp op uw nachtkastje of onder uw kussen plaatsen. Als u de pomp liever op uw lichaam draagt (in de zak van uw pyjama of aan een speciale riem), kunt u kiezen voor een kortere slang [2].

Insulinepompen: ontworpen om uw nachten makkelijker te laten verlopen

Onderbreking van de insulinetoevoer als gevolg van een knik of andere blokkeringen van de infusieset kan leiden tot hyperglykemie [1,2,3]. Daarom zijn de nieuwere insulinepompen meestal uitgerust met een aantal veiligheidsfuncties. Een hoorbaar alarm kan worden geactiveerd:

  • Als de insulinetoevoer wordt verlaagd of onderbroken
  • Als het reservoirniveau te laag is
  • Als het batterijniveau laag is [1,2,4].

Daarbij moet worden opgemerkt dat een pomp mogelijk een onderbreking van de insulinetoevoer gedurende enkele uren niet detecteert. Bovendien kan het aantal waarschuwingen of ten onrechte herhaalde waarschuwingen ertoe leiden dat men een alarm niet meer serieus neemt [2,3,5].

Bijna alle moderne insulinepompen hebben ook een lock-outfunctie. Hierdoor worden de bedieningselementen op de pomp uitgeschakeld, waardoor u niet per ongeluk op een knop kunt drukken terwijl u slaapt [4].

Tot slot, als u tijdens de slaap bovenop de insulinepomp rolt, bestaat er geen risico op schade aan de pomp, omdat deze zelfs tijdens energieke sportactiviteiten (bijv. voetbal, dansen of spelen) kan worden gedragen [2]. De sterkte van de pompen tegen bepaalde schokken en temperatuurveranderingen moet ook door de fabrikant worden aangetoond voordat ze op de markt worden gebracht [3].

Sources :

  1. Brooke H McAdams, Ali A Rizvi. An Overview of Insulin Pumps and Glucose Sensors for the Generalist. J Clin Med. 2016 Jan 4;5(1):5. doi: 10.3390/jcm5010005.
  2. T. Torrance, V. Franklin and S. Greene. Insulin pumps. Arch Dis Child 2003;88:949–953. doi: 10.1136/adc.88.11.949.
  3. L. Heinemann and al. Insulin pump risks and benefits: a clinical appraisal of pump safety standards, adverse event reporting and research needs. A Joint Statement of the European Association for the Study of Diabetes and the American Diabetes Association Diabetes Technology Working Group. Diabetologia (2015) 58:862–870. doi : 10.1007/s00125-015-3513-z.
  4. F M Alsaleh, F J Smith, S Keady, K M G Taylor. Insulin pumps: from inception to the present and toward the future. J Clin Pharm Ther. 2010 Apr;35(2):127-38. doi: 10.1111/j.1365-2710.2009.01048.x.
  5. J.S Sherwood, S.J Russell and M.S Putman. New and Emerging Technologies in Type 1 Diabetes. Endocrinol Metab Clin N Am 49 (4)667–678,. doi: 10.1016/j.ecl.2020.07.006.
  6. A. Shiffrin. Nightime Continuous subcutaneous insulin infusion revisited. Diabetes Care. Volume 23 (5) :571-3 ; mai 2000, doi : 10.2337/diacare.23.5.571.
Show me:
All

Kan diabetes type 1 worden genezen?

type 1 diabetes cure

Kan diabetes type 1 worden genezen?

Verschillende behandelingen gericht op het genezen van diabetes type 1 zijn al goedgekeurd of worden momenteel onderzocht. Een toenemend aantal medische en wetenschappelijke artikelen verwijst naar deze behandelingen als mogelijke remedies [1]. Dus vragen we ons af: is een genezing voor diabetes type 1 al mogelijk, of ten minste binnen handbereik?

Genezing van diabetes type 1: redenen tot hoop

Bij mensen met diabetes type 1 vernietigt het afweersysteem van het lichaam de cellen die insuline produceren – de bètacellen die verspreid door de alvleesklier de eilandjes van Langerhans vormen. Hierdoor kan de alvleesklier geen insuline meer produceren, het hormoon dat de bloedglucosespiegels reguleert [2,3,4,5,6].

Om hun bloedglucosespiegels in evenwicht te houden – binnen gedefinieerde bovengrenzen – moeten mensen met diabetes type 1 zichzelf dagelijks insuline toedienen. Dit geeft het lichaam de insuline die het nodig heeft, maar het geneest diabetes type 1 niet [2,3,4,5].

De nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen bieden echter hoop dat genezing van diabetes type 1 werkelijkheid zou kunnen worden [1,4,5,6]. Sommige wetenschappers hebben het al over remissie van diabetes type 1; vanuit medisch oogpunt verwijst het woord “remissie” naar een vermindering van symptomen of volledig verdwijnen daarvan terwijl men geen medicatie neemt of chirurgische therapie ondergaat [1].

Sommige deskundigen suggereren zelfs de mogelijkheid van “volledige remissie”. Dit zou worden bereikt wanneer de bloedglucosespiegels vergelijkbaar zijn met die van de algemene populatie (minder dan 100 mg/dl nuchter en een HbA1c-spiegel onder 6,5%) gedurende een periode van ten minste 1 jaar zonder behandeling (medicatie, insuline) of operatie [1].

Verschillende huidige behandelingen kunnen vermindering van insulinetherapie tijdens het normaliseren van de bloedglucose mogelijk maken, maar voldoen niet aan de hierboven beschreven definitie van ‘remissie’ omdat toch sprake is van doorlopende medicatie of herhaalde chirurgische procedures [1,3].

Echter zullen sommige behandelingen die nog in ontwikkeling zijn voor toekomstige onderzoeken mogelijk leiden tot remissie van diabetes type 1 [1].

Immunotherapie

Immunotherapie voor diabetes type 1 kan gaan om het gebruik van monoklonale antilichamen (mAb's): moleculen die zijn ontworpen om te voorkomen dat het afweersysteem van het lichaam de insulineproducerende cellen vernietigt [2].

Klinische onderzoeken hebben aangetoond dat deze behandeling effectief is bij het vertragen van het begin van diabetes type 1 en, in ieder geval op korte termijn, de progressie bij nieuw gediagnosticeerde personen kan vertragen. Hoewel veelbelovend, is er nog steeds uitgebreid onderzoek nodig naar immunotherapie voordat het een geschikte genezing kan worden voor diabetes type 1 [2].

Alvleeskliertransplantaties

Alvleeskliertransplantaties zijn niet nieuw, en worden al sinds de late jaren zestig uitgevoerd voor de behandeling van diabetes type 1 [7].

Onderzoeken hebben aangetoond dat veel mensen met diabetes type 1 die een succesvolle alvleeskliertransplantatie hebben ondergaan, zonder complicaties als gevolg van afstoting, in staat waren om hun bloedglucose in evenwicht te brengen zonder insuline toe te hoeven dienen [3,8].

Ondanks de vele vorderingen die de laatste jaren zijn gemaakt, zijn er echter nog een aantal moeilijkheden: er is een gebrek aan donoren, de operatie is erg ingewikkeld, er is een hoog risico op afstoting en postoperatieve complicaties, en er zijn mogelijk bijwerkingen van immunosuppressiva [3,8].

Transplantatie van eilandjes van Langerhans van een donor

Eilandjes van Langerhans-transplantaties kunnen worden voorgesteld aan sommige mensen met diabetes type 1, vooral degenen die heftige schommelingen hebben in de bloedglucosespiegels [4,5,6]. Onderzoeken hebben aangetoond dat ongeveer 60% van degenen die deze behandeling kregen, 5 jaar na de transplantatie geen insuline meer nodig hadden om hun bloedglucosespiegels onder controle te houden [5].

Helaas is de wijdverspreide toepassing hiervan beperkt, om twee hoofdredenen. De eerste is de schaarste van donoren. De tweede is dat de ontvanger van de transplantatie gedurende de rest van hun leven immunosuppressiva moet gebruiken om te voorkomen dat het afweersysteem van hun lichaam de getransplanteerde cellen opspoort en aanvalt. Bovendien hebben anti-afstotingsmedicijnen verschillende opmerkelijke bijwerkingen, waaronder verhoogde gevoeligheid voor infectie [4,5,6].

Functionele bètaceltransplantatie

Een van de meest veelbelovende behandelingen voor diabetes type 1 is de transplantatie van cellen die in het laboratorium zijn omgezet in insulineproducerende bètacellen. Deze cellen kunnen worden gemaakt van stamcellen of andere soorten cellen (bijv. lever- of darmcellen) [3,4,5,6].

Er zijn echter veel technische problemen en beperkingen die moeten worden opgelost voordat de transplantatie van bètacellen een standaardprocedure kan worden [3,4,5,6].

Les références

  1. J.B Buse. How do we define cure of diabetes? 2009 Nov;32(11):2133-5. doi: 10.2337/dc09-9036.
  2. Qi Ke, Charles J Kroger, Matthew Clark, Roland M Tisch. Evolving Antibody Therapies for the Treatment of Type 1 Diabetes. Front Immunol. 2021 Feb 18;11:624568. doi: 10.3389/fimmu.2020.624568. eCollection 2020.
  3. Ryota Inoue, Kuniyuki Nishiyama, Jinghe Li, Daisuke Miyashita, Masato Ono, Yasuo Terauchi, Jun Shirakawa. The Feasibility and Applicability of Stem Cell Therapy for the Cure of Type 1 Diabetes. Cells. 2021 Jun 24;10(7):1589. doi: 10.3390/cells10071589.
  4. Stephanie Bourgeois, Toshiaki Sawatani, Annelore Van Mulders, Nico De Leu, Yves Heremans, Harry Heimberg, Miriam Cnop, Willem Staels. Towards a Functional Cure for Diabetes Using Stem Cell-Derived Beta Cells: Are We There Yet? Cells 2021 Jan 19;10(1):191. doi: 10.3390/cells10010191.
  5. Shuai Chen, Kechen Du, Chunlin Zou. Current progress in stem cell therapy for type 1 diabetes mellitus. Stem Cell Res Ther. 2020 Jul 8;11(1):275. doi: 10.1186/s13287-020-01793-6.
  6. Shengli Dong, Hongju Wu. Regenerating β cells of the pancreas - potential developments in diabetes treatment. Expert Opin Biol Ther. 2018 Feb;18(2):175-185. doi: 10.1080/14712598.2018.1402885. Epub 2017 Nov 13.
  7. Roberto Ferreira Meirelles Júnior, Paolo Salvalaggio, Alvaro Pacheco-Silva. Pancreas transplantation: review. Einstein (Sao Paulo). Apr-Jun 2015;13(2):305-9. doi: 10.1590/S1679-45082015RW3163.
  8. S Moassesfar, U Masharani, L A Frassetto, G L Szot, M Tavakol, P G Stock A M Posselt. A Comparative Analysis of the Safety, Efficacy, and Cost of Islet Versus Pancreas Transplantation in Nonuremic Patients With Type 1 Diabetes. Am J Transplant. 2016 Feb;16(2):518-26. doi: 10.1111/ajt.13536. Epub 2015 Nov 23.
Show me:
All
Abonneer op

Over Making Diabetes Easier

VitalAire zet zich in voor de verbetering van de kwaliteit van leven van mensen met diabetes. Onze teams voor thuiszorg bieden onze patiënten en hun naasten educatie, ondersteuning en personalisering van onze zorg. Onze missie: diabetes gemakkelijker maken.

#Makingdiabeteseasier

Our mission?

#Makingdiabeteseasier